De lesmethodes: Prisma project

Het Prisma project omvat het leren spreken en lezen van de Nederlandse taal voor leerlingen van 6 tot 13 jaar. Het project bestaat uit vier cursussen die oplopen in moeilijkheid. Iedere cursus bestaat uit zeven modules (thema’s) van een week. Iedere module wordt afgesloten met een toetsweek en een herhalingsweek, in totaal dus negen weken. De toetsresultaten zijn bepalend voor de doorstroom naar de volgende cursus. Na het doorlopen van de vierde cursus volgt de eindtoets waarna we bepalen of de leerling kan doorstromen naar het regulier basisonderwijs. De basisscholen worden na iedere toetsweek op de hoogte gebracht van de vorderingen van de toekomstige leerlingen.

Spellen, lezen en begrijpend lezen

Het Prisma project wordt ondersteund door het programma Logo 3000. Met dit programma vergroten we de woordenschat van de leerlingen aan de hand van platen, het digibord en woordspelletjes op de computer. Onze spellingmethode is Woordbouw. Daarnaast maken we gebruik van werkbladen uit Horen, zien en schrijven. Deze werkbladen passen bij de onderwerpen van de Prisma modules. Voor aanvankelijk lezen gebruiken we de methode De Leeshoek en Veilig Leren Lezen. In de toetsweek meten we de vorderingen van de leerlingen door middel van de AVI toets. Voor begrijpend lezen werken we, afhankelijk van het leesniveau van iedere leerling, met Humpie-Dumpie. Als leerlingen het leesniveau van groep 4 hebben bereikt, kunnen we werken met Nieuwsbegrip. Daarin wordt een actualiteit besproken op het niveau van de leerlingen. Elke week zijn er twee lessen over hetzelfde onderwerp.

Computer en digitaal schoolbord

Iedere groep heeft de beschikking over een digitaal schoolbord en een computer ter ondersteuning bij taal-, reken- en leesonderwijs.